De invaljuf

De griepgolf heeft ook onze school bereikt. Hoestende collega’s, een rochelende congierge en kinderen met snottebellen tot aan hun navel. Afgelopen vrijdag was daarom mijn vuurdoop als invaller. Ik mocht mijn eigen stageklas draaien, maar dan een dagje zonder oplettende mentor om op terug te vallen.

Ik open de dag. “Jullie juf is vandaag ziek” zeg ik “jullie krijgen daarom een invaljuf.” Sommige kinderen gaan ineens rechtop zitten terwijl anderen quasi geïrriteerd beginnen te zuchten. “Ik zal eens kijken of ze er al is” ga ik verder, terwijl ik naar de deur loop, ‘m overdreven open doe en zoekend de gang in kijk. “Ah, hier is ze!” Ik loop de klas weer in, ga stoïcijns voor de klas staan en wacht de reactie van de kinderen af. De helft kijkt me verward aan en de andere helft zit te grijnzen. Deze grap ga ik niet uitleggen, denk ik. Dan begin ik met de les.

Dat het geen makkelijke klus ging worden wist ik van te voren al. Tot in den treuren heb ik de lessen voorbereid, de planning in m’n hoofd gestampt en alle materialen netjes klaar gelegd. De grote diversiteit aan leerlingen maakt deze klas uniek, maar ook een uitdaging voor een beginnend leerkracht als ik. Het gaat goed, zonder kleerscheuren kom ik de ochtend door.

De jongen die vaak stiekem zijn boterhammen terug in zijn tas stopt houd ik in de gaten. Ik geef hem na de middagpauze een vragend knikje waarop hij trots zijn lege broodtrommel laat zien. Een van de kinderen komt anderhalf uur te laat binnen en probeert me haastig uit te leggen waarom. Gelukkig ken ik haar lastige gezinssituatie en zeg haar dat ze lekker kan gaan zitten, en dat ik het fijn vind dat ze er toch is. Net voor het buitenspelen spreek ik de twee jongens aan die iedere pauze elkaar uitdagen, en ruzie maken tot een van hen verandert in een kwaadaardige ninja. “Denk aan wat we hebben afgesproken over het voetballen, mannen” kan ik ze nog meegeven voor ze het schoolplein op rennen. Tijdens handvaardigheid zit Nikki afwezig uit het raam te staren. Ik vertrouw het niet en vraag haar mee te komen naar de gang. Daar breekt ze. “Ik mis mama gewoon” klinkt het door haar tranen heen. “Ik wil haar zo graag weer zien.” Ik geef haar een knuffel en praat met haar tot de rust weer een beetje is teruggekeerd. Hier zal ik nooit aan kunnen wennen, de tranen van Nikki die haar moeder is verloren. Een echte inval juf had niet geweten dat Nikki’s moeder dit schooljaar overleed aan borstkanker. Ook niet dat Xavi soms helemaal niet eet, dat Nadia zo slecht slaapt en dat Joep en Umar zo aan elkaar gewaagd zijn.

Stagiaire zijn is een grote uitdaging. Maar een echte inval juf? Nee, dat lijkt me een onmogelijke taak.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s