Maar juf, ik heb een stoornis!

Het schooljaar is begonnen, evenals mijn afstudeerstage. Na drie jaar ploeteren op de PABO mag ik dit jaar laten zien wat voor leerkracht ik ben geworden. Met honderden pagina’s aan literatuur in m’n achterhoofd, minstens 1.800 uur stage te hebben gelopen, honderden gesprekken over mijn ontwikkeling te hebben gevoerd en welgeteld 253 kinderen in de klas te hebben gehad. Dit jaar staat in het teken van een groep 7/8 en hoe ik die zou leiden op mijn manier.

Daarbij hoort het stellen van regels en het maken van afspraken met de kinderen. Aan het begin van het schooljaar sprak ik met de kinderen af dat ze naar het toilet mogen gaan zonder dat te vragen. In groep 8 ben je slim genoeg om dat zelf te bepalen. “Het is natuurlijk niet zo slim om te gaan wanneer ik iets aan het uitleggen ben” voegde ik eraan toe. “Want als je iets belangrijks mist heb je een probleem.”

Vier weken later sta ik vol enthousiasme een taalles te geven als een meisje uit groep 8 keurig haar vinger opsteekt. “Mag ik naar het toilet?” vraagt ze. “Dat kun je doen” zeg ik “maar vind je dat verstandig? Deze uitleg is erg belangrijk en duurt nog maar vijf minuutjes.” Ze kijkt me strak aan. Staat rustig op en loopt zonder enige aarzeling de klas uit. Ik voel alle autoriteit door mijn vingers glippen en kei hard op te grond flikkeren. Daar sta ik dan, schaakmat verstrengeld in mijn eigen regel, op de plek waar ik moet laten zien wat ik waard ben als juf. Ik herpak mijn les en besluit haar later aan te spreken.

Terwijl ik haar op een rustig moment vraag waarom ze mijn advies negeerde, en haar probeerde uit te leggen hoe vervelend ik dat vond, keek ze me weer net zo strak aan en zei “Maar juffrouw, ik heb PDD-NOS.” Dit is het moment waarop ik één van de grootste fouten maak in mijn PABO loopbaan, en misschien wel een kwestie waar duizenden leerkrachten dagelijks mee te maken hebben. “Het interesseert me niet wat je hebt” zeg ik tegen haar, met een felle stem. Ik heb het echt gezegd, hardop. Terwijl mijn woorden nog aan het afkoelen zijn, schaam ik me. Ik heb zojuist tegen een kind gezegd dat het me niet interesseert wat ze te vertellen heeft, terwijl ik altijd heb willen uitdragen dat ik wél naar ze luister en me wil inleven. Ik schaam me kapot. Ik kijk naar de deur alsof ik verwacht dat Sander Dekker me hoogstpersoonlijk het klaslokaal uit komt trekken, m’n propedeuse af zal nemen en zal zeggen dat ik me helemaal kapot moet schamen. Maar de deur blijft dicht en mijn hoofd loopt over.

Natuurlijk interesseert het me wat je hebt, natuurlijk wil ik weten waar je mee worstelt, natuurlijk wil ik rekening houden met jouw beperkingen en je talenten. Maar je mag je er nooit achter verschuilen. Ik weet niet welke dokter je ooit heeft verteld dat er iets mis met je is. Ik weet niet hoe vaak je moeder al tegen je heeft gezegd dat je ‘gewoon een beetje anders’ bent dan de rest. Ik weet niet hoe vaak je al bent uitgesloten van een vriendinnengroepje omdat het anders werkt in jouw hoofdje. Ik weet niet of je het fijn of juist vervelend vindt dat je je in het hokje kan verschuilen waar je in bent geplaatst. Dat wil niet zeggen dat het een excuus is om alles te doen en te zeggen wat je wilt. Ik schaam me nog steeds, het interesseert me wél. We moeten samen zoeken naar een manier waarop jij je fijn voelt in de klas, we ons aan dezelfde afspraken houden en ik alles uit je kan halen wat er in je zit. Je bent één van mijn helden, niet alleen een PDD-NOS’er.

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s